Daken en bedrijventerreinen gebruiken voor duurzame energie

Foto: CC0

De gemeente Sittard-Geleen wil vooral op daken en bedrijventerreinen duurzame elektriciteit opwekken.

Vanaf 2030 kan daarmee 0,35 Terawattuur worden opgewekt. Dat staat in het zogenoemde Afwegingskader grootschalige opwek wind- en zonne-energie, waarmee de gemeenteraad donderdag 25 maart heeft ingestemd.

Het afwegingskader is een document waarin staat welke gebieden in Sittard-Geleen wel, en welke niet in aanmerking (kunnen) komen voor het plaatsen van windturbines en een grote hoeveelheid zonnepanelen bij elkaar.

Waarom is er een afwegingskader?

Dat heeft te maken met het Klimaatakkoord van Parijs uit 2015. Dat heeft geleid tot het Nationaal Klimaatakkoord in 2018, min of meer hoe Nederland helpt om het doel te bereiken. Dat doel is om minder CO2 uit te stoten, minder energie te verbruiken en duurzame energiebronnen te gebruiken (zon en wind) om elektriciteit op te wekken. Op zee zal 49 Terawattuur aan duurzame stroom opgewekt worden. Op land 35 Terawattuur. Nederland is daarvoor opgedeeld in 30 regio’s met elk een Regionale Energie Strategie. Die regio’s moeten voor heel Nederland dus samen jaarlijks 35 Terawattuur aan stroom opwekken uit zon en wind op land. Zuid-Limburg is een RES-regio. Elke gemeente in zo’n regio moet bepalen waar windturbines en zonnepanelen kunnen worden geplaatst om op grote schaal duurzame elektriciteit op te wekken. Daarom maakt elke gemeente een eigen afwegingskader.

Wat staat erin?

In het afwegingskader van Sittard-Geleen staat dat de zonnepanelen die nodig zijn om op grote schaal elektriciteit op te wekken tot 2030 vooral moeten worden geplaatst op daken en verharde terreinen, bijvoorbeeld als overkapping van parkeerterreinen. Voor windturbines is alleen plek op bedrijventerreinen en gelden daarnaast ook landelijke en provinciale beperkingen. Hierdoor zijn vooralsnog alleen drie turbines op het bedrijventerrein Holtum Noord mogelijk.

Het afwegingskader legt ook vast waar géén plek is voor zonnepanelen en windmolens. In het groengebied tussen Born en Geleen bijvoorbeeld (rondom het Limbrichterbos en Graetheide), op de Kollenberg en rondom Windraak.

Op andere plekken is het onder strikte voorwaarden wel mogelijk om zonnevelden op landbouwgrond aan te leggen. Dat geldt voor het gebied rondom VDL Nedcar en een smalle strook ten noorden van het Chemelotterrein (waaronder de Lexhy). De natuur moet dan versterkt worden. Als het kan, moet landbouw op dezelfde grond worden gecombineerd met de plaatsing van zonnevelden.

Met de beschikbare ruimte kan vanaf 2030 in Sittard-Geleen jaarlijks met zonnepanelen en een beperkt aantal windmolens 0,35 Terawattuur aan duurzame elektriciteit worden opgewekt. Dat is 1 procent van wat landelijk nodig is voor woningen, industrie en vervoer nodig is. Met 1 Terawattuur kunnen 400.000 huishoudens worden voorzien van elektriciteit.

“Een bijdrage van 1 procent als één van de 352 gemeenten in Nederland, dat is heel veel. Zeker als je bedenkt dat de ruimte beperkt is, ook door wetten en regels. We moeten dus slim omgaan met de ruimte die we hebben. Dat doen we door zoveel mogelijk gebruik te maken van bebouwing”, zegt wethouder Kim Schmitz.

Hoe is het afwegingskader tot stand gekomen?

De basis voor het afwegingskader is de Omgevingsvisie 2016 van de gemeente. Daarin is al vastgelegd hoe we willen omgaan met de productie van zonne- en windenergie in verhouding tot de beschikbare ruimte. Eind 2020 is een enquête verspreid onder bewoners, ondernemers, energiecorporaties en natuurorganisaties invullen en is intensief gesproken met de vijftien andere Zuid-Limburgse gemeenten over hoe ze elkaar aanvullen.

Zie ook onderstaande bijlagen:

Reacties