Sittard-Geleen, 13-08-2012 | De rechtbank Maastricht heeft op 13 augustus 2012 uitspraak gedaan in de zaak tegen de man uit Sittard die er van werd verdacht op 24 juli 2011 zijn 3 maanden oude zoontje om het leven te hebben gebracht.
Sittard-Geleen, 13-08-2012 | De rechtbank Maastricht heeft op 13 augustus 2012 uitspraak gedaan in de zaak tegen de man uit Sittard die er van werd verdacht op 24 juli 2011 zijn 3 maanden oude zoontje om het leven te hebben gebracht.
De rechtbank heeft bewezenverklaard dat het kindje is overleden als gevolg van de klap die de vader het op 24 juli 2011 heeft gegeven. De rechtbank acht het niet aannemelijk dat de man uit paniek heeft gehandeld omdat het kindje niet meer zou ademhalen, maar gaat ervan uit dat de man gefrustreerd was en dit heeft botgevierd op de 3 maanden oude baby.
De rechtbank acht eveneens bewezen dat de man in de periode voorafgaand aan 24 juli 2011 zijn zoontje zwaar heeft mishandeld door hem te slaan, te knijpen en te schudden. Voorts heeft de man zijn levensgezel, zijnde de moeder van zijn zoontje, gedurende een jaar meermalen mishandeld.
De rechtbank heeft de man een gevangenisstraf van 7 jaar opgelegd. Ze heeft in de strafoplegging rekening gehouden met onder meer de omstandigheid dat, terwijl de man wist dat hij zijn zoontje een harde klap met zijn vuist had gegeven en zag dat het daarna niet goed ging met het kindje, niks over dit geweld heeft vermeld tegen zijn levensgezel en evenmin tegen de hulpverleners die geprobeerd hebben het kindje te reanimeren. Bovendien rekent de rechtbank het de man zwaar aan dat hij, terwijl hij wist dat de moeder van zijn kind onschuldig in voorlopige hechtenis zat, geen openheid van zaken heeft gegeven over het feit dat hijzelf degene was die verantwoordelijk was voor de dood van hun kind.
Daarnaast vindt de rechtbank het noodzakelijk dat de man wordt behandeld en legt hem daarom de maatregel van tbs met verpleging van overheidswege op, waarbij de rechtbank heeft bepaald dat deze maatregel niet eerder mag aanvangen dan nadat 2/3 deel van de opgelegde gevangenisstraf ten uitvoer is gelegd.