
De eerste twaalf verdachten in de Valkenburgse zedenzaak hebben donderdag het oordeel van de rechtbank te horen gekregen.
De 12 mannen werden verdacht van het plegen van ontucht met een 16-jarige prostituee. Het Openbaar Ministerie eiste in al deze zaken gevangenisstraffen, variërend van 5 tot 12 maanden.
De rechter was aanzienlijk milder en bepaalde dat tien verdachten werden veroordeeld tot het verrichten van een taakstraf, variërend van 120 tot 240 uur, met daaraan gekoppeld een gevangenisstraf van één dag. Twee verdachten zijn veroordeeld tot gevangenisstraffen van 5 en 6 maanden, waarvan 3 voorwaardelijk en met een proeftijd van 3 jaar.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank heeft geoordeeld dat alle verdachten seksuele handdelingen hebben verricht met een minderjarige prostituee. De verdachten hebben daarmee de lichamelijke integriteit van het minderjarige meisje ernstig geschonden. Bovendien is haar hierdoor psychische schade toegebracht. De verdachten hebben hierdoor bijgedragen aan het in stand houden van jeugdprostitutie.
Beroep op 'afwezigheid van alle schuld' afgewezen
Het verweer van de advocaten dat de verdachten geen straf zouden moeten krijgen omdat zij niet wisten dat het meisje minderjarig was, wordt niet door de rechtbank overgenomen. De rechtbank vindt dat de mannen onvoldoende deugdelijk onderzoek hebben gedaan naar de leeftijd van het meisje. Alle verdachten zijn daarom strafbaar.
Strafmaat
Voor jeugdprostitutie is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf het uitgangspunt. Gelet op de omstandigheden vindt de rechtbank, anders dan de officier van justitie, voor 10 van de verdachten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een te zware straf. De rechtbank is van oordeel dat een taakstraf, al dan niet in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf, het meest passend is. Dit is wettelijk gezien echter niet meer mogelijk. Daarom koos de rechtbank voor een in haar ogen minder bevredigende oplossing, namelijk een gevangenisstraf voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf.
Voor 2 van de 12 verdachten vond de rechtbank een gevangenisstraf wél op zijn plaats, gelet op hun maatschappelijke activiteiten. Juist van deze personen mag een grotere verantwoordelijkheid worden verwacht bij het controleren van de juiste leeftijd van het meisje en de inschatting van eventuele misstanden.
Een van de twee was werkzaam in de jeugdzorg, maar bekleedde geen ambt toen hij de jeugdige prostituee bezocht. Hij werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 maanden, waarvan 3 voorwaardelijk en een proeftijd van 3 jaar. Ook moet hij een eerste schadevergoeding van 1000 euro aan het slachtoffer betalen. Eventuele verdere schadevergoedingen kunnen worden vastgesteld in een civiele procedure. De andere verdachte kreeg 5 maanden cel opgelegd waarvan 3 voorwaardelijk en een proeftijd van 3 jaar.
Bron: de Rechtspraak.nl