Rapport Enquêtecommissie: Blinde hoeken van integriteitsbeleid Provincie Limburg

27 jan 2022, 21:15Nieuws
gouvernement maastricht
CC0
Het rapport van de Enquêtecommissie van de Provincie Limburg over oud-gedeputeerde Ger Koopmans is afgelopen woensdag verschenen.
De conclusies op hoofdpunten:
  • Op basis van het feitenonderzoek is geen belangenverstrengeling door voormalig gedeputeerde Koopmans vastgesteld.
  • Doordat de gedeputeerde ervoor koos om de nevenfunctie bij een ontgronder te behouden is er wel een schijn van belangenverstrengeling ontstaan, die door de gemaakte beheerafspraak niet kon worden afgedekt.
  • Die schijn van belangenverstrengeling heeft onnodig lang voortgeduurd doordat de toezegging aan PS, om in kaart te brengen waar de belangen van een ontgronder de belangen van de provincie raken, niet is nagekomen. De beheerafspraak is ook niet verder uitgewerkt, niet besproken in het constituerend beraad van GS en niet gecommuniceerd met het ambtelijk apparaat.
  • Gedeputeerde Koopmans is ten aanzien van zijn nevenfunctie op meerdere punten tekort geschoten. De politieke sensitiviteit van gedeputeerde is in deze gevallen onvoldoende gebleken.
  • De voormalig commissaris van de Koning Bovens lijkt als portefeuillehouder integriteit onvoldoende aandacht besteed te hebben aan de risico’s van de nevenfunctie van de gedeputeerde.

Opdracht aan de commissie

Vandaag heeft de Provinciale enquêtecommissie inzake mogelijke belangenverstrengeling van voormalig gedeputeerde Koopmans, haar rapport gepresenteerd aan de commissaris van de Koning. De centrale vraag aan de commissie was om onderzoek in te stellen naar het handelen van voormalig gedeputeerde Koopmans in relatie tot zijn nevenfunctie bij J&T tussenholding en de met de Staten hierover gemaakte beheerafspraken, bijvoorbeeld op het dossier Meer Maas, Meer Venlo. Daarnaast onderzocht de commissie de wijze waarop hierop toezicht is gehouden.
De commissie benadrukt dat zij de grootst mogelijke onafhankelijkheid, zorgvuldigheid en integriteit heeft betracht. Het doel van de enquête was waarheidsvinding. De commissie heeft bronnenonderzoek gedaan en oriënterende gesprekken gevoerd met wetenschappers, ambtenaren en deskundigen. Er zijn vervolgens externe opdrachten verleend aan de Landsadvocaat en KPMG Advisory NV. Toen het feitenonderzoek eind 2021 gereed was, zijn meer dan tien vertrouwelijke informele gesprekken gevoerd. Omdat de commissie meende op basis daarvan over voldoende informatie te beschikken, hebben openbare verhoren niet plaatsgevonden.

Aanbevelingen

Op basis van haar bevindingen heeft de commissie een aantal aanbevelingen gedaan op het gebied van beoordeling van kandidaat gedeputeerden, beheerafspraken, transparantie van bestuur en meer oog voor uitvoering, intern toezicht, politieke controle en evaluatie. Het is aan Provinciale Staten om te bepalen wat zij doen met de bevindingen een aanbevelingen uit dit onderzoek.

Belangenverstrengeling

Op basis van het feitenonderzoek van KPMG is geen belangenverstrengeling door gedeputeerde Koopmans vastgesteld. Er is geen beïnvloeding geweest bij de besluitvorming rond ontgrondingen. Dat de gedeputeerde meende dat een commissariaat bij een ontgrondingsbedrijf als nevenfunctie verenigbaar was met het politieke ambt van gedeputeerde, heeft echter wel geleid tot de schijn van belangenverstrengeling. Achteraf is het de vraag of het verstandig is geweest dat PS in 2014 instemden met de nevenfunctie van de gedeputeerde bij een
ontgrondingsbedrijf.

Beheerafspraken en de rol van GS en PS

Net zoals in 2014, zijn de beheerafspraken in 2015 niet uitgewerkt door het college van Gedeputeerde Staten. En Provinciale Staten hebben daar niet om gevraagd. Zowel de CdK, GS, de betrokken gedeputeerde als PS zijn hier tekortgeschoten. De CdK en/of GS hebben de beheerafspraken en de betekenis daarvan voor het dagelijks handelen niet (of onvoldoende) gecommuniceerd naar het ambtelijk apparaat. Provinciale Staten zijn op diverse momenten tekort geschoten in een effectieve controle op beheerafspraken. Het politieke geheugen van PS blijkt niet goed. Zo wisten PS lange tijd niet dat de gedeputeerde zijn commissariaat in 2017 had beëindigd. Ook wisten PS niet (meer) dat de gedeputeerde in 2014 had gemeld zijn adviesbureau slapend in stand te houden.

Mail

Veel aandacht is uitgegaan naar een mail van 22 juli 2016 met daarin het impliciete verzoek om aandacht voor een goedkopere variant van een ontgrondingsplan. Daarmee heeft het bedrijf het beeld doen ontstaan van (de schijn van) belangenverstrengeling. Tegelijkertijd had de gedeputeerde structureel moeten voorkomen dat een dergelijke mail zó verstuurd werd en dat die in de stroom van reguliere afhandeling zou belanden. Op basis van verklaringen van de gedeputeerde en van een vertegenwoordiger van J en T Tussenholding BV, stelt de enquêtecommissie vast dat niet uit te sluiten is dat de gedeputeerde van tevoren op de hoogte was van de strekking en bedoeling van de e-mail.

Handelen gedeputeerde

De gedeputeerde Koopmans is in 2014, 2015 en 2017 diverse malen tekortgeschoten, onder meer bij het ervoor zorgdragen dat zijn commissariaat bij J en T Tussenholding BV bij leden van GS bekend was. Hij is bovendien tekortgeschoten in het zorgvuldig regelen van de contacten vanwege zijn nevenfunctie. Ook heeft hij de ambtenaren waarmee hij werkte onvoldoende geïnformeerd over de beheerafspraken. Daarbij had gedeputeerde expliciet vanaf 2014 moeten afspreken met J en T Tussenholding BV dat er geen mails naar zijn mailadres @prvlimburg.nl mochten worden verstuurd. De politieke sensitiviteit van de gedeputeerde op dit gebied is onvoldoende gebleken.

Rol commissaris van de Koning

De voormalig CdK lijkt als portefeuillehouder integriteit onvoldoende aandacht besteed te hebben aan de risico’s van de nevenfunctie van de gedeputeerde. Hij is een aantal malen tekortgeschoten bij het zorgen dat het ambtelijk apparaat op de hoogte was van de beheerafspraken en de betekenis daarvan voor het dagelijks handelen van de gedeputeerde. In tegenstelling tot de suggestie van de CdK dat collegeleden elkaar onderling aanspreken, stelt gedeputeerde Koopmans dat hij in de periode 2014-2017 nooit is aangesproken door leden van GS over de risico’s van zijn commissariaat. De CdK heeft een aantal politieke inschattingen gemaakt die anders uitpakten. Zo stond zijn pedagogische aanpak van integriteitsvragen (agenderen van het morele besef) en de keuze om de eigen verantwoordelijkheid van politici voor integriteit als uitgangspunt te hanteren, een meer actieve, ‘regisserende’ aanpak, waar een deel van de Staten steeds meer om vroeg, in de weg.
Bron: Provincie Limburg
loading

Loading articles...

Loading