door mr Ellen Frins | Repeat PlayersHet komt steeds vaker voor dat grote procespartijen, ook wel Repeat Players genoemd, steken laten vallen bij de inleidende dagvaarding. Bij Repeat Players dient gedacht te worden aan telecombedrijven zoals bijvoorbeeld Ziggo, verzekeringsmaatschappijen zoals Achmea en nutsbedrijven zoals Essent.
door mr Ellen Frins | Repeat Players
Het komt steeds vaker voor dat grote procespartijen, ook wel Repeat Players genoemd, steken laten vallen bij de inleidende dagvaarding. Bij Repeat Players dient gedacht te worden aan telecombedrijven zoals bijvoorbeeld Ziggo, verzekeringsmaatschappijen zoals Achmea en nutsbedrijven zoals Essent.
Elke dagvaarding die wordt uitgebracht, dient te voldoen aan bepaalde inhoudelijke eisen, belangrijk is de substantiëringsplicht als ook de plicht om het bewijs aan te geven. In de praktijk komt het er op neer dat de bekende verweren van de gedaagde moeten zijn opgenomen in de dagvaarding, de bewijsmogelijkheden dienen goed te worden aangegeven en belangrijke stukken dienen te worden overgelegd. De bedoeling hiervan is dat de rechter een goed beeld krijgt van de zaak en de vordering(en) en op grond van alle feiten en omstandigheden vonnis kan wijzen.
In de regel wordt hier in de praktijk helaas soepel mee omgegaan, maar er is een tendens waarneembaar waarbij rechters geneigd zijn om aan de niet nakoming van deze verplichtingen meer gevolgen te verbinden.
Op 28 december 2011 oordeelde de kantonrechter in Zutphen, waarin ABN AMRO eiseres was, dat ABN AMRO haar stellingen bij dagvaarding niet heeft voorzien van alle voor de beslissing relevante gegevens, zoals inzicht in de opbouw van de hoofdsom. Pas in de tweede schriftelijke ronde had ABN AMRO de ontbrekende stukken overgelegd, zodat de gedaagde partij zich pas laat in de procedure kon verdedigen. De vordering werd weliswaar toegewezen, maar de proceskosten bleven voor rekening van de eisende partij. Het ontbreken van een onderbouwing en belangrijke stukken kunnen dus gevolgen hebben voor de hoogte van de proceskosten.
De kantonrechter in ons eigen arrondissement Maastricht ging op 25 januari 2012 nog een stapje verder dan de kantonrechter te Zutphen. In deze zaak was Ziggo de eisende partij. Ziggo had de gedaagde partij gedagvaard wegens een vermeende betalingsachterstand. In de dagvaarding was in het geheel geen bewijsaanbod opgenomen, Ziggo gaf al meteen aan om af te zien van een comparitie en er werden ook hier geen onderbouwende stukken bijgevoegd.
De advocaat van de gedaagde partij had dan ook verzocht om de vordering reeds na de eerste schriftelijke ronde af te wijzen en om geen verdere schriftelijke ronde meer toe te staan. De kantonrechter te Maastricht gaf gedaagde gelijk en Ziggo werd niet meer tot bewijslevering toegelaten als ook werd haar een tweede schriftelijke ronde ontzegd.
Het gevolg was dat de vordering van Ziggo is afgewezen waarbij Ziggo is veroordeeld in de kosten van de procedure.
In de praktijk blijkt dat met name Repeat Players de substantiëringsplicht met de nodige korrels zout nemen. De kantonrechters in Zutphen en Maastricht laten echter zien dat ook in incassozaken Repeat Players aan de wettelijke eisen dienen te voldoen willen zij zichzelf niet in de vingers snijden.
De in de uitspraken aangehaalde substantiëringsplicht en bewijsaandraagplicht leken steeds verder te worden uitgehold. Deze uitspraken gaan hier duidelijk tegenin.
Indien u bent gedagvaard en u twijfelt aan de juistheid van de vordering, neem dan contact met ons op.
Sittard, 13 september 2012