Taakstraf voor ontuchtpleger uit Obbicht

18 aug 2015, 21:16Nieuws
vrouwe justitia vwamfot cc by sa 30
VWAmFot [CC BY-SA 3.0]
Een 43-jarige man uit Obbicht is door de rechtbank in Maastricht veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden met een proeftijd van drie jaar.
Daarnaast heeft de man meldplicht en moet hij zich onder behandeling laten stellen.
Hij kreeg de straf omdat de rechter bewezen achtte dat hij in de periode van 1 mei 2013 tot en met 8 september 2014 in de gemeente Stein ontuchtige handelingen had verricht met een minderjarige jongen. Verdachte was een vriend van de familie van het slachtoffer en genoot daardoor vertrouwen. Volgens de rechter heeft verdachte daarmee dat vertrouwen op onvoorstelbare wijze beschaamd door over een langere periode ontucht te plegen met het slachtoffer.
Verdachte heeft het misbruik, dat plaatsvond in het café van de grootouders van het slachtoffer, toegegeven.
Tegen de man was vier maanden gevangenisstraf, waarvan twee maanden voorwaardelijk, geëist. De rechter besliste anders op grond van de omstandigheden, de ernst van het misbruik en de persoon van de verdachte.
Taakstrafverbod niet van toepassing
Zo zijn de de handelingen, die gekwalificeerd kunnen worden als ontucht, beperkt gebleven tot handelingen waarbij er geen orale of anale penetratie heeft plaatsgevonden. Daarmee acht de rechtbank het zogeheten taakstrafverbod zoals neergelegd in artikel 22b wetboek van Strafrecht niet van toepassing. Er is naar het oordeel van de rechtbank door het niet plaatsgevonden hebben van anale of orale seksuele contacten geen sprake geweest van de in dat artikel bedoelde ernstige inbeuk op de lichamelijke integriteit.
Mede omdat de verdachte een nagenoeg blanco strafblad geniet zal de rechtbank de onderhavige zaak volstaan met een voorwaardelijke gevangenisstraf in combinatie met een taakstraf.
Drie jaar proeftijd
De rechtbank stelt de proeftijd op 3 jaar omdat verdachte ter terechtzitting en bij de reclassering heeft aangegeven jongens in de puberleeftijd seksueel aantrekkelijk te vinden. Dit baart de rechtbank zorgen en de rechtbank acht daarom begeleiding door de reclassering en behandeling over een lange periode noodzakelijk. "Hopelijk is die tijd voldoende om ervoor te zorgen dat verdachte nooit meer seksuele handelingen verricht bij minderjarigen en het is aan verdachte om zijn belofte geen seksuele handelingen meer te verrichten met minderjarigen, in de praktijk waar te maken."
loading

Loading articles...

Loading